Wijzigingen binnen de werking van de zorgboerderij
De Zorgboerderij ondergaat enkele wijzigingen, lees hier wat er allemaal verandert.
1. Welzijnsvereniging KINA P.V.
KINA is een welzijnsvereniging van, voor en door 25 leden-OCMW in het arrondissement Antwerpen (Boechout, Boom, Brasschaat, Brecht, Edegem, Essen, Hemiksem, Hove, Kalmthout, Kapellen, Kontich, Lint, Malle, Mortsel, Niel, Ranst, Schelle, Schilde, Schoten, Stabroek, Wijnegem, Wommelgem, Wuustwezel, Zandhoven, en Zoersel). Zij kozen ervoor om te investeren in een gezamenlijk noodopvangsysteem dat ondertussen wordt vormgegeven door een acute crisisopvang voor 30 personen in Malle en een langdurige noodopvang voor 10 personen in een zorgboerderij te Boechout. Een aanbod dat de lokale besturen hebben mogelijk gemaakt door hun krachten te bundelen en zo, naast het reguliere en lokale aanbod, in te zetten op opvanginitiatieven voor personen die omwille van een psychosociale crisissituatie dakloos worden.
Wij fungeren als een laatste vangnet voor die personen die door de mazen van het net vallen binnen de reguliere hulpverlening. Daar onze noodopvang aanvullend is op het bestaande
opvangnetwerk (zowel regionaal als lokaal), dienen deze eerst aangesproken te worden. We treden in geen geval in de plaats van deze voorzieningen. Op deze manier richten we ons tot een zeer kwetsbare doelgroep die we niet in de kou willen laten staan. Want, iedere cliënt in onze noodopvang heeft zijn eigen verhaal.
Dit heeft er op de dag van vandaag voor gezorgd dat er heel wat expertise en ervaring in het werken met deze doelgroep aanwezig is binnen KINA. Noodopvang is de bestaansreden en het hart van onze organisatie.
2. Doel
2.1. Doelstelling
Vaak merken we echter dat verschillende personen nood hebben aan een opvang voor langere duur. Deze personen passen niet binnen de woelige omgeving van een crisisopvang. Daarom biedt KINA voor hen een alternatieve opvangmogelijkheid in onze zorgboerderij te Boechout, waar de focus ligt op een rustige leefomgeving met aandacht voor structuur, een actieve begeleiding, een nuttige dagbesteding, respect, samenleven en re-integratie.
2.1.1. Samenleven en structuur
Samenleven met anderen onder één dak vraagt om duidelijke afspraken en structuur, wat zorgt voor orde en voorspelbaarheid. Goed samenleven vormt zo de basis voor de verdere groei van elke zorggast en versterkt de onderlinge verbondenheid binnen de zorgboerderij.
2.1.2. Actieve begeleiding
Er wordt voorzien in een actieve en persoonlijke begeleiding voor elke zorggast. Onze hulpverleners ondersteunen de zorggasten bij het omgaan met hun psychosociale problemen, zoals gevoelens van angst, depressie, verslavingskwesties of relationele moeilijkheden. Dit gebeurt in een sfeer van vertrouwen en nabijheid, waarbij er ruimte is om samen te zoeken naar oplossingen en persoonlijke groei.
2.1.3. Respect
Binnen de zorgboerderij staat wederzijds respect centraal. KINA p.v. respecteert de eigenheid en achtergrond van elke zorggast en houdt hier rekening mee in de begeleiding. Tegelijk wordt van de zorggasten respect verwacht:
- voor zichzelf en hun persoonlijke groei;
- voor de andere zorggasten en begeleiders;
- voor de infrastructuur die wordt aangeboden.
2.1.4. Nuttige dagbesteding en re-integratie
De basis blijft een zinvolle dagbesteding voor alle zorggasten. Tot op heden bestond de aangeboden dagbesteding uit een inschakeling van de zorggasten in ons landbouwbedrijf. Ondanks dat hier heel wat uiteenlopende taken in aangeboden konden worden, merken we dat deze vorm van zinvolle dagbesteding toch niet toegankelijk was voor iedereen. Hierdoor bood het concept van de zorgboerderij voor deze personen geen pasklare oplossing.
Deze visie willen we opentrekken. Met het oog op een inclusiever aanbod willen we de mogelijkheden voor een nuttige dagbesteding aanzienlijk verruimen. Dit betekent dat ook andere activiteiten kunnen worden opgenomen, die aansluiten bij de individuele mogelijkheden en behoeften van de deelnemers. Zo kan een nuttige dagbesteding voortaan niet enkel bestaan uit een inschakeling binnen ons landbouwbedrijf, maar ook (aanvullend) uit administratieve, sociale of praktische bezigheden. Zo spelen we in op hun ruimer algemeen welbevinden, wat hun motivatie en zelfvertrouwen moet vergroten. Vanuit deze positieve ervaring kan er zo gewerkt worden naar re-integratie in de maatschappij en, waar mogelijk, naar een duurzame tewerkstelling.
2.2. Doelgroep
Het project richt zich tot onze aangesloten OCMW’s die geconfronteerd worden met een persoon in een psychosociale crisissituatie en die door de mazen van het net vallen binnen de reguliere
hulpverlening. Het gaat om personen waarvoor er op korte termijn geen oplossing voorhanden is, en die nood hebben aan een langduriger begeleidingstraject in een rustige, groene omgeving, om hun re-integratie in de maatschappij terug mogelijk te maken.
Het profiel van de cliënt moet er als volgt uitzien:
- het gaat om alleenstaanden (9 kamers) of een koppel (1 kamer);
- de zorggast is meerderjarig (+18 jaar);
- de zorggast verblijft legaal in België;
- de zorggast is voldoende zelfredzaam;
- er zijn geen zware medische zorgnoden aanwezig;
- er is geen sprake van een actieve verslavingsproblematiek;
- de zorggast toont bereidheid tot activering en integratie.
2.3. Engagementsverklaring
De zorgboerderij van KINA is geen erkend onthaaltehuis. Dit zorgt ervoor dat:
- we een bredere werking kunnen uitbouwen;
- cliënten die binnen de reguliere werking uit de boot vallen, hier toch een onderdak kunnen vinden;
- we ernaar kunnen streven een zeer diverse doelgroep te voorzien in noodopvang.
Hierdoor valt de zorgboerderij niet onder de opsomming van artikel 2 van de wet van 2 april 1965. Voor erkende instellingen zegt de wet van 2 april 1965 dat personen die in dergelijke instelling zijn opgenomen, het OCMW van de plaats waar deze cliënt zijn hoofdverblijfplaats had voor de opname, moet beschouwd worden als steunverlenend OCMW. Aangezien KINA niet erkend is, is deze wet niet van toepassing, wat tot bevoegdheidsconflicten zou kunnen leiden. OCMW Boechout zou dan telkens
bevoegd zijn voor cliënten verblijvend in noodbedden op grondgebied van OCMW Boechout.
De OCMW’s hebben dan ook bewust een engagement genomen in het verlengde van de werking van de noodbedden in Malle, om hun verantwoordelijkheid over cliënten in de zorgboerderij te bevestigen. Onze zorgboerderij berust op deze manier op een solidariteit tussen de OCMW’s die erkennen dat zij de volle bevoegdheid en verantwoordelijkheid behouden over deze cliënten. De zorgboerderij moet dan ook beschouwd worden als een verlengde van de eigen werking van elk OCMW.
Dit vertaalt zich in een ondertekende engagementsverklaring door elk OCMW.
3. Procedure
3.1. Aanmelding
Wanneer het OCMW een potentiële kandidaat heeft voor de zorgboerderij, neemt de maatschappelijk werker van de cliënt contact op met KINA. Het profiel van de kandidaat wordt al beknopt toegelicht. De coördinator van de zorgboerderij bekijkt het profiel van de kandidaat en plant een intakegesprek met de cliënt en zijn maatschappelijk werker. Tijdens dit gesprek wordt er o.a. gepeild naar het profiel van de cliënt, de motivatie voor een verblijf op de zorgboerderij, het gedrag van de cliënt in andere centra, de zelfstandigheid en maturiteit, mogelijkheid om samen te leven met andere mensen, … Het concept van de zorgboerderij wordt t.a.v. de cliënt en de maatschappelijk werker nog eens gedetailleerd uitgelegd.
Na dit gesprek wordt er intern bij KINA bekeken of de cliënt in aanmerking komt voor een traject op de zorgboerderij. Afhankelijk of er plaats is of niet (wachtlijst) wordt de opstart van het verblijf in de zorgboerderij besproken met de maatschappelijk werker van de cliënt.
3.2. Opstart verblijf
Voor de opstart van het verblijf, moeten er administratief nog enkele zaken in orde gebracht worden:
- Opmaak ‘GPMI’ – Document waarin alle doelstellingen opgenomen worden voor een verblijf opde zorgboerderij (incl. alle hulpverlening die er rondom de cliënt wordt voorzien door de
maatschappelijk werker), alsmede de concrete afspraken in het kader van het zorgverblijf van de cliënt. - Ondertekening verblijfsovereenkomst
- Ondertekening huishoudelijk reglement
- Opmaak postvolmachtformulier
De kamer van de zorggast is volledig ingericht. Er worden telkens 3 maaltijden voorzien, er is altijd koffie, thee en water voorhanden en tussenin is er ook fruit of een tussendoortje beschikbaar.
3.3. Duur verblijf
De standaardopnameduur bedraagt 1 maand en kan tot maximaal 3 maanden worden verlengd, afhankelijk van het verloop van het verblijf van de zorggast. Gedurende het gehele verblijf, zorgt het desbetreffende OCMW via het postvolmachtformulier voor het referentieadres van zijn cliënt.
3.4. Opvolging cliënt
De zorgcoördinator is het aanspreekpunt op de boerderij voor de OCWM’s. Deze volgt de cliënten in huis op en zorgt voor de begeleiding bij het (zelfstandig) wonen. Deze maakt per zorggast een dag/weekplanning op, waarin ook alle afspraken (bv. dokter, psycholoog, taallessen, …) worden opgenomen, en hetgeen moet zorgen voor een duidelijke structuur voor de zorggast. Van de zorggast wordt verwacht dat hij zich houdt aan deze planning. Er wordt actief ingezet op de opvolging en groei van de zorggast d.m.v. het Persoonlijk OntwikkelingsPlan. Dit is de leidraad voor het evaluatiemoment tussen zorgcoördinator, zorggast en OCMW.
De zorgboer speelt een belangrijke rol in het voorzien van een zinvolle dagbesteding voor de zorggasten binnen het landbouwbedrijf en het domein van de zorgboerderij. Een zinvolle dagbesteding moet bijdragen tot een positieve impact op het algemeen welbevinden door in te zetten op activering, structuur, sociale contacten, het nakomen van afspraken en het nemen van verantwoordelijkheden. We doen dit in een natuurlijke en rustige omgeving die therapeutisch kan werken en bijdragen tot hun persoonlijke ontwikkeling en herstel hetgeen hun leven terug op de rails moet krijgen en re-integratie naar de maatschappij moet bevorderen.
3.5. Beëindiging
Wanneer een cliënt na 1 tot 3 maanden kan doorstromen naar een gepaste oplossing, of wanneer het verblijf van de cliënt beëindigd dient te worden, wordt er een verslag bezorgd aan het bevoegde OCMW over het verloop van het verblijf in de noodopvang.